Traditioneel wordt Driekoningen gevierd op de avond van 5 januari of op 6 januari zelf. Ook in Mechelen trokken de Driekoningen al zingend van deur tot deur om snoep of drank te bedelen. Tegenwoordig zijn het vooral kinderen, maar vroeger namen ook volwassenen deel. In sommige verenigingen doen de Driekoningen nog steeds hun ronde, meestal bij de leden.
Te Mechelen werd onder meer volgend lied gezongen:
“Drau keuninge, drau keuninge , geft mau nen neeven hood.
Manne auve is verslete, ons mooder mag et nie weete.
Ons vader ei –det - geld oep de roester geteld, oep de roester geteld.
Met dezen schoene keuningendag, sloeg den bakker ze wauf.
Mê nen dikke kluppel en die kluppel die brak.
Da wauf da sprak.
Den beikker kroup in den ove.
Da wauf van achterna.
Ze waren zoe zwet bekroze, mê die schoene keuningendag.
Lieve gebure, ik koum aule bezuuke. Heift gau de pan en geft ma de koek.
Leût mau ma hier ni langer staan, ik wil en ik mut veidder gaan.”
Het slaan met de knuppel door de bakker op zijn vrouw, zoals in het lied beschreven, is dubbelzinnig en verwijst naar het opwekken van vruchtbaarheid in het nieuwe jaar. De knuppel fungeert hier als fallussymbool.
Volgens De Cock (Volkskunde, 1922) droegen jongeren in Mechelen tijdens het zingen lampions en kaarsjes, als symbool voor het wederkerende licht en het lengen van de dagen. Een oude weerspreuk sluit hierbij aan:
“Op Driekoningen lengt de dag zoveel een geitje springen mag.”
Ook de ‘ster uit het oosten’ mocht niet ontbreken: meestal een zelfgemaakte, draaibare ster op een staak die men kon doen draaien door een koord. Deze verwees naar de ‘ster uit het oosten’ net zoals de Driekoningenzangers verwezen naar de magiërs — Balthasar, Melchior en Caspar — die later als de ‘drie koningen’ bekend werden. Oorspronkelijk betrof het Perzische priesters van de Zoroastrische cultus, waarin vuur en licht centraal stonden. In de Bijbel wordt hun aantal niet vermeld; het getal drie verwijst naar de geschenken: goud, wierook en mirre. Elk van hen kreeg ook een symbolische leeftijd: 20, 40 en 60 jaar.
Kaarsjesspringen te Mechelen
De ster verwees tevens naar de zon en het lengen van de dagen rond de winterzonnewende. Daarmee hoorde ook het ‘kaarsjesspringen’, in Mechelen bekend als de ‘keiskensdans’. Eén of meestal drie brandende kaarsen werden op de grond geplaatst, waar men in één sprong overheen moest springen zonder ze te doven. Dit bracht geluk en symboliseerde het herbeginnen van het jaar. Soms werd er ook een rondedans rond de kaarsen uitgevoerd.
Interessant in deze dat Renaat Van Craenenbroeck een dans had gemaakt : ‘de kantklossters’ en die werd gedanst met kaarsen. Tijdens het tweede deel van de dans, het vluggere deel, werd dan over de kaarsen gesprongen.
In een ander Mechels Driekoningenlied verhaalt men over deze traditie:
“Keiske in de lanteire en doemp vleegt er oôt,
de meiskes geûn zoe geirem é heule kapriske out.
Ze zegge da kik ne voddevent zen, da kik maune steel ni ken.
Keiske over ’t mateintje, den doemp die vleegt er oôt,
en al die daar ni over kan, is ne kwôje man.
Verloren Maandag
Verloren Maandag is de tweede maandag van het nieuwe jaar en sloot traditioneel aan bij de eindejaarsfeesten. Het was een dag waarop gilden Nieuwjaar vierden, bazen hun werkvolk trakteerden en eden werden gezworen, vandaar ook de naam ‘Verzworen Maandag’.
Dan werd er niet gewerkt en overal in Mechelen at men worstenbrood. Wie niet deelnam aan deze smulpartij, riskeerde volgens het volksgeloof een slecht jaar: “Geen Verloren Maandag gevierd of waren het jaar slecht begonnen.” Overal bij de bakkers waren worstenbroden en ook ‘ponnekoeken’ te koop: honingzoete peperkoeken, versierd met witte suiker, chocoladebloemen en marsepeinen hartjes.
’s Avonds was er overal in de herbergen een gezellig samenzijn; soms werd er zelfs een ponnekoek verloot, waarbij de winnaar de anderen moest trakteren. Dat dit vaak tot in de vroege uurtjes doorging, hoeft niet te verbazen. . Er bestond zelfs een Mechels liedje over Verloren Maandag.
“Oep de schoenste dag van ’t jaar schenken die kwakbazen onze Nieuwjaar.
En verniet te drinken bier en goeie kwak en verniet logere ’s avonds in den bak. “
Verloren Maandag is vandaag geen officiële feestdag meer, maar het worstenbrood blijft. Laat het jullie smaken en maak er een goed en gezond jaar van.
Met dank aan Erwin Horckmans – Mysterieus Mechelen en F. Perckmans voor de afbeelding : De kaarsjesprong te Mechelen.
Reactie plaatsen
Reacties